Afdeling Doesburg
Dhr. H.W. Lensink (Henk)
E: hwlensink@gmail.com

Leeftijdsdiscriminatie

LEEFTIJDSDISCRIMINATIE BIJ DOORBEHANDELEN OUDEREN
De afdeling Doesburg van de ouderenorganisatie PCOB vindt dat het gesprek over wel of niet doorbehandelen absoluut niet gekoppeld mag worden aan het debat over de kosten van de zorg. Het is naar de mening van de bond bovendien onterecht om de stijgende kosten van de zorg één op één te koppelen aan ouderen. 

De PCOB vindt dat bewust om moet worden gegaan met de vraag of een behandeling zinvol is en of er sprake is van onnodige verlenging van leven. Maar dat vraagstuk staat los van leeftijd en de kosten die er mee gemoeid zijn. Het heeft te maken met de aard van de aandoening en de algehele conditie van die persoon. En het geldt voor mensen van alle leeftijden.

De uitspraken die in de media worden gedaan, met name door de Landelijke Vereniging van Huisartsen, staan op gespannen voet met elkaar. Aan de ene kant wordt gesproken over ‘zet kwaliteit van leven centraal’ en tegelijkertijd worden vragen gesteld als: ‘Moet een 85-jarige altijd nieuwe heup krijgen?’. Daarnaast wordt in de debatten over wel of niet doorbehandelen regelmatig de vraag opgeworpen: ‘Is het nodig om zo oud mogelijk te worden’?

De PCOB afd. Doesburg vindt dat de wensen van de mensen zelf gerespecteerd moeten worden en besluiten over wel of niet doorbehandelen in overleg met de (huis)arts worden genomen. Door de discussie te koppelen aan ouderen is sprake van leeftijdsdiscriminatie en worden opnieuw ouderen als kostenpost voor de samenleving gepresenteerd. Dat draagt bij aan een negatieve beeldvorming. Het zet de verhoudingen in de samenleving op scherp. Dat is onethisch, terwijl de vraag over wel of niet doorbehandelen juist een ethisch vraagstuk is. De ouderenbond vindt het van groot belang dat een goed gesprek plaatsvindt over wel of niet doorbehandelen. Daarom ook ontvangen alle leden van de PCOB eind oktober de handreiking ‘Tijdig spreken met je arts over het levenseinde’. Op die manier probeert de bond te stimuleren dat ouderen goed nadenken over oud worden en in dat verband tot passende en waarde(n)volle besluiten komen.

<< Vorige pagina