Afdeling Doesburg
Dhr. H.W. Lensink (Henk)
E: hwlensink@gmail.com

Langer leven en ouder worden

Opleidingsniveau is van invloed
Hoogopgeleiden kunnen veel langer in goede gezondheid van hun pensioen genieten dan laagopgeleiden. Uit nieuwe cijfers van het CBS blijkt dat die ongelijkheid steeds groter wordt.
Steeds ouder
Gemiddeld worden we in Nederland steeds ouder. Maar het verschil tussen de bevolkingsgroepen is groot. Zo worden vrouwen ouder dan mannen. De leeftijdsverwachting van laagopgeleiden blijft al jaren nagenoeg gelijk, terwijl die van hoogopgeleiden stijgt. Zij blijven bovendien langer verschoond van allerlei kwaaltjes dan de mensen met een mbo-opleiding op het laagste niveau. Tussen beide groepen zit zo’n zes jaar verschil. Gezondheid is overigens niet het enige verschil. Zo gaan hoogopgeleiden gemiddeld 8 maanden eerder met pensioen (dat kunnen zij zich permitteren) dan laagopgeleiden die bovendien vaak een lager pensioen hebben.
Pensioenakkoord
In het onlangs gesloten pensioenakkoord probeert het kabinet iets aan de ongelijkheid te doen. Maar dat lost het probleem van het eerder overlijden van laagopgeleiden niet op. Vrouwen van 65 jaar met een hoge opleiding hebben gemiddeld nog bijna 25 jaar te leven, die met een lage iets meer dan 20. Bij mannen zijn die getallen ongeveer ruim 22 jaar tegen ruim 17 jaar. De verschillen worden vooral veroorzaakt door levenswijze. Kortweg: mensen met een lagere opleiding roken meer, bewegen minder en hebben vaker overgewicht. Wie laagopgeleid is heeft doorgaans het gevoel minder grip op het leven te hebben en heeft minder aandrang gezonder te gaan leven. Kan met voorlichting het verschil in levensverwachting kan worden overbrugd?

Ouder worden is een volwaardige fase in het leve
Op dit moment worden mensen steeds ouder. In de eerste fase van 0 tot 30 jaar staat opgroeien, scholing en het leven verkennen centraal. In de periode 30 tot en met 60 jaar ligt het accent op het werken en kinderen krijgen en opvoeden. In de derde fase van 60 tot 90 jaar wordt het werken minder totdat het helemaal stopt. Ofwel een periode van ‘Spelen, Werken en Oogsten’. Ook in deze fase staat de ontwikkeling van mensen niet stil. Een zestiger verschilt enorm van een zeventiger of tachtiger. Dit is niet alleen afhankelijk van de periode waarin je bent opgegroeid (er zijn meerdere generaties ouderen) als wel het proces van ouder worden. Ouderdom is geen statische periode waarin stilstand de norm is. Ouderen kunnen veel nieuwe dingen leren, nieuwe hobby’s ontwikkelen, nieuwe relaties aangaan en geestelijk verder groeien.
Volwaardig
Een volwaardige fase in het leven vraagt een volwaardige plaats in de samenleving waarin ouderen kunnen emanciperen, participeren en integreren. Herwaardering van ouderen is eigenlijk een herwaardering van het leven door de tijd heen. Het idealiseren van jeugd en jong blijven met het accent op gezondheid en vitaliteit veronderstelt het beheersbaar houden van het verouderingsproces en belemmert aandacht voor de negatieve oncontroleerbare en zelfs tragische kanten van het ouder worden. En daarmee laat het onvoldoende ruimte voor het aanvaarden van en leren omgaan met deze kant van het ouder worden. Stoer is de norm, maar niet iedereen hangt op zijn 80e in de trapeze. Verouderingsprocessen horen gewoon bij het leven en het beeld dat in reclames wordt geschetst van ouderen die jong willen blijven, werkt contraproductief. Ieder fase heeft zijn schoonheid.

Bijdrage ouderen onmisbaar voor samenleving
Ouderen zijn massaal actief als vrijwilliger, ze werken, zitten in besturen en verlenen mantelzorg (driekwart van de 4,4 miljoen mantelzorgers is 60-plus) en zijn actief als oppas-oma of -opa. Als al deze ouderen hun werk zouden neerleggen storten de samenleving en de economie in. Het is onbetaalbaar als dit werk allemaal door betaalde professionals moet worden overgenomen. En jongeren en werkenden kunnen dit ook niet overnemen in hun vrije tijd. Ouderen doen hun vrijwilligerswerk ook anders dan jongeren. Zij hebben meer ervaring, meer rust en staan open voor diepere contacten. Ze komen aan werkzaamheden toe waar jongeren niet aan toe komen.
Meer benutten!
Dit potentieel van ouderen wordt nog onvoldoende benut laat staan op zijn materiële waarde getoetst en gekapitaliseerd. Ouderen worden nog te veel gezien als een kostenpost, terwijl hun bijdrage niet wordt gezien en herkend. Ouderen ontbreken nog vaak op sleutelposities en hun inzet wordt daar gemist. Beleid moet niet over en voor ouderen zijn maar met en door ouderen, zo bepleit KBO-PCOB. In het onderwijs en op de werkvloer kunnen ouderen voor anderen en voor zichzelf van grote waarde zijn. De leeftijdsdiscriminatie waardoor ouderen niet mogen werken terwijl ze dat wel willen is in veel opzichten niet goed voor de ouderen en voor de samenleving. Daarnaast zijn ouderen getalsmatig een steeds grotere groep en voor een deel ook welvarend. Zij zijn daardoor van belang voor de koopkracht. Verbeteringen van financiële regelingen die meedoen gemakkelijker maken is een belangrijke voorwaarde voor langere deelname aan de samenleving, hogere kwaliteit van leven, minder stress, ziekte en ongevallen. Meerjarig niet-vrijblijvend-vrijwilligerswerk met afbreukrisico’s verdient daarom een betere fiscale behandeling.

 

<< Vorige pagina