Gesprek over voltooid leven is nog niet voltooid

Op 29 juni gingen in Utrecht leden van KBO en PCOB en leden van de beroepsvereniging Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland (V&VN) met elkaar in gesprek over hun ervaringen rondom voltooid leven. Hoe komen zij dit tegen in de praktijk, hoe kijken senioren hier zelf tegenaan en hoe zou onze samenleving hiermee om kunnen gaan? Geen debat of discussie, maar dialoog. Om ervaringen uit te wisselen en van elkaar te leren.

Sinds het voorstel van minister Edith Schippers en de initiatiefwet van Kamerlid Pia Dijkstra gericht op voltooid leven van ouderen, stellen diverse partijen vanuit hun professionele ervaring en/of kennis over ouderen vragen bij huidige plannen voor wetgeving. Ook de V&VN en seniorenorganisatie KBO-PCOB vinden dat het gesprek over de ervaring van een voltooid leven van ouderen nog lang niet klaar is. Zij vinden deze kwestie in de eerste plaats van ouderen zelf en van degenen die hen bijstaan. De beide organisaties pleiten voor een maatschappelijke dialoog tussen senioren en groepen die bij hen betrokken zijn. En maakten daar zelf een begin mee.

Wat is voltooid leven

De speciale wet over voltooid leven moet gaan gelden voor mensen vanaf 75 jaar die relatief gezond zijn, niet psychisch of terminaal ziek. Tijdens de dialoogbijeenkomst in Utrecht die plaatsvond in een zeer openhartig sfeer bleek al snel dat veelal niet helder is wat ‘voltooid leven’ is. ‘Zoveel mensen, zoveel kanten zijn er aan voltooid leven’, merkte één van de deelnemers op. De term riep verschillende beelden en verhalen op. Vaak ging het over een stapeling van ouderdomsklachten, immobiliteit, verlies van functies zoals zicht en het hebben van pijnklachten. Dat bracht het gesprek op de vraag: ‘Hoort lijden bij het leven, mag verdriet daarover er zijn?’ Eén van de senioren reageerde: ‘Lijden voelt ongemakkelijk voor anderen.’ En iemand anders: ‘Alles moet tegenwoordig leuk en positief zijn.’

Eén van de verpleegkundigen merkte op ‘Hoe ouder je bent, hoe groter de afstand tot het moderne leven. Het is lastig voor ouderen; waar ga je wel in mee en waarin niet?´ Dat bracht het gesprek op betekenisgeving aan je leven als je ouder wordt. Een jonge oncologieverpleegkundige: ”Mijn oma van 95 zegt altijd: Kind, wat ben ik blij je te zien!”. Waar hoor je dat nog? Waar krijg je nog zulke onvoorwaardelijke aandacht?’ De conclusie van de deelnemers is dan ook dat senioren zichzelf meer mogen waarderen en niet moeten denken dat ze voltooide tijd zijn.

De opzet van het gesprek was niet om te komen tot oplossingen, maar het delen van ervaringen werd als erg waardevol ervaren. De deelnemers constateerden dat mensen betrokken zijn op elkaars lijden en zoeken naar hoe ze elkaar hierin het beste kunnen ondersteunen.

Een warm antwoord

Manon Vanderkaa, directeur KBO-PCOB: ‘Of er nu wel of geen wet komt, wij vinden dat er moet worden ingestoken op het beter begrijpen van het onderliggende probleem en dat de samenleving zich vooral moet inzetten op het voorkomen van lijden aan een voltooid leven. Wetgeving zoals nu voorligt lost de achterliggende problemen van voltooid leven immers niet op. Met deze bijeenkomst hebben we het spits afgebeten. Wij zullen samen met V&VN nog meer bijeenkomsten organiseren. Maar we hopen ook dat andere organisaties ons voorbeeld volgen. Immers deze problematiek vraagt van de samenleving een warm antwoord.’

<< Vorige pagina

Gerelateerde berichten