Kredietcrisis en pensioen
 

Pensioenfondsen beleggen ongeveer 40% van hun geld in aandelen. Door de kredietcrisis zijn die aandelen minder waard geworden. Ook hebben de pensioenfondsen last van de lage rente. De laatste jaren ging het de pensioenfondsen goed, omdat zij met hun beleggingen grote winsten behaalden. Daardoor konden de pensioenen de laatste jaren worden aangepast aan de salarisontwikkeling of de inflatie.

Onderstaand vindt u informatie over de volgende punten:

De gevolgen van de kredietcrisis voor uw pensioen
De meeste pensioenfondsen zijn op dit moment niet in staat om te voldoen aan de dekkingsgraad* van 105% die de overheid in het kader van het toezicht aan de pensioenfondsen stelt. De meeste pensioenfondsen zien nu af van de indexering van de pensioenen in 2009. Ook de pensioenen van werknemers hebben last van de financiële crisis. Ook verzoeken om waardeoverdracht bij verandering van werkgever zullen zolang het financieel moeilijk is afgewezen worden.

Wat kan minister Donner doen?
Voor 1 april moeten de pensioenfondsen een herstelplan indienen bij de Nederlandse Bank, waarin staat op welke termijn de dekkingsgraad weer zal voldoen aan de eisen van de toezichthouder en welke maatregelen daarvoor getroffen worden. Gezien de ernst van de crisis schrijft minister Donner op 20 februari in een brief aan de Tweede Kamer: bij ministeriele regeling wordt de hersteltermijn van 3 jaar verlengd naar 5 jaar. Zodat de meeste pensioenfondsen zonder kortingsmaatregel hun dekkingsgraad na 5 jaar weer op orde hebben. Voorwaarde is dat de pensioenfondsen nu al aangeven welke maatregelen (premieverhoging, korting) zij gaan treffen als blijkt dat het vermogen en de dekkingsgraad achterblijft bij de veronderstelling in het herstelplan. De Nederlandse Bank toetst jaarlijks de herstelkracht van de fondsen. De minister denkt hiermee kortingen op de pensioenen te voorkomen. Door de financiële crisis zijn er ook structurele vragen aan de orde gekomen. Over bijvoorbeeld het solidariteitsvraagstuk jong-oud zullen de sociale partners zich moeten buigen. Verder zijn er vragen over het Financieel Toetsingskader. De ouderenbonden pleitten hier voor een voortschrijdende gemiddelde rente over 10 jaar.

NB. De dekkingsgraad is een indicator voor de vermogenspositie van een pensioenfonds. Bij een dekkingsgraad van 100% heeft het pensioenfonds genoeg vermogen om de verplichtingen na te komen. Dekkingsgraad is de contante waarde van beleggingen gedeeld door de contante waarde van de verplichtingen.

Kunt u nog rekenen op uw pensioen?
Er worden door de overheid strenge eisen gesteld aan de pensioenfondsen om ervoor te zorgen dat mensen op hun pensioen kunnen rekenen. In een enkel geval kan het zo zijn dat een pensioenfonds door de financiële crisis zo in de problemen komt dat het fonds alleen nog een lager pensioen kan uitkeren. Pensioenfondsen kunnen niet omvallen omdat mensen niet al hun geld bij de fondsen weg kunnen halen. De fondsen hebben grote vermogens en hebben geen gebrek aan contant geld.

Hoe kunnen de pensioenfondsen hun problemen oplossen?

Als de koersen van de aandelen weer gaan stijgen is dat gunstig voor het vermogen van de fondsen. Maar op de crisis zelf heeft het pensioenfonds geen invloed. Wat kunnen ze wel zelf doen:

  • Ondernemingspensioenfondsen kunnen aan de werkgever extra geld vragen
  • Het pensioen niet verhogen (indexeren). Er is dan geen koopkrachtbehoud
  • De pensioenpremie verhogen
  • Als laatste middel kan een pensioenfonds de pensioenuitkering verlagen (afstempelen). Dan krijgen mensen bijvoorbeeld in plaats van 100% pensioen, 97% pensioen.

Als het weer goed gaat met de fondsen vinden er meestal reparaties plaats.

 

<b>Slechte tijden voor pensioenfondsen</b> <p>Pensioenfondsen beleggen ongeveer 40% van hun geld in aandelen. Door de kredietcrisis zijn die aandelen minder waard geworden. Ook hebben de pensioenfondsen last van de lage rente. De laatste jaren ging het de pensioenfondsen goed, omdat zij met hun beleggingen grote winsten behaalden. Daardoor konden de pensioenen de laatste jaren worden aangepast aan de salarisontwikkeling of de inflatie.</p> <b>Medezeggenschap wettelijk vastleggen</b> <p>De medezeggenschap van deelnemers aan pensioenregelingen wordt wettelijk vastgelegd. Minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wijzigt daarom het voorstel voor de nieuwe Pensioenwet. Hij komt hiermee tegemoet aan de wens van de Tweede Kamer, de sociale partners en het Coördinatieorgaan Samenwerkende Ouderenorganisaties om medezeggenschap verplicht te stellen bij pensioenen.</p> <b>Te weinig medezeggenschap bij pensioenen</b> <p>De huidige Pensioen- en spaarfondsenwet maakt het mogelijk dat gepensioneerden zitting hebben in een pensioenfondsbestuur of in een deelnemersraad. Pensioenfondsen zijn alleen verplicht een deelnemersraad in te stellen als minimaal vijf procent van de deelnemers daarom vraagt. De sociale partners en het Coördinatieorgaan Samenwerkende Ouderenorganisaties vinden dat pensioenfondsen in de praktijk nog te weinig doen aan medezeggenschap. Zij hebben minister De Geus gevraagd de medezeggenschap in de Pensioenwet op te nemen.</p>